Moodgate.nl

Geschiedenis Plattegrond Restaurants in uw regio Aangesloten Moodgate® Partners Aanmelden als Moodgate® Partner

Geschiedenis
Oudste sporen
Nijmegen is een van de steden die de titel oudste stad van Nederland claimen. In het jaar 2005 werd het 2000-jarig bestaan van de stad en het 1900-jarig bezit van stadsrechten gevierd. Sporen van bewoning zijn al bekend uit het Neolithicum, de midden en late bronstijd en (ten noorden van de Waal) uit de midden en late ijzertijd.

Romeinen
Nijmegen is ontstaan als Romeins administratief en economisch centrum ten behoeve van de Bataven. De oudste Romeinse resten zijn die van een grote castra op de Hunnerberg uit 15 v.C. Deze is slechts enkele jaren in gebruik geweest, waarna ze werd vervangen door een commando-centrale op de Kopse Hof. De resten van het, voor zover bekend, oudste stenen gebouw in Nederland werden in 2005 gevonden op enkele kilometers ten westen van de Hunerberg.

Tussen 10 n.C. en 69 n.C. ontwikkelde Oppidum Batavorum zich tot een nederzetting van Gallo-Romeinse handwerkslieden, handelaren, ambtenaren en magistraten. De Bataafse nederzettingen bevonden zich ten noorden van de Waal bij Lent en Oosterhout, waar vele vondsten uit uit de Romeinse tijd zijn gedaan. Belangrijk is in dit verband de zogenoemde godenpijler, die door de Maastrichtse stadsarcheoloog Titus Panhuysen op 17 na Christus wordt gedateerd, wat overeenkomt met het beëindigen van de campagnes van Germanicus tegen de Cherusken. Uit deze zuil en de vondsten op de Kopse Hof kan worden geconcludeerd dat zich in Romeins Nijmegen een belangrijke Romeinse commandocentrale heeft bevonden. Tijdens de Bataafse opstand onder Julius Civilis werd de nederzetting samen met de praetorium op de Kopse Hof vernietigd.

Na de Opstand van de Bataven werd op de Hunnerberg Legio X Gemina pia fidelis gevestigd, dat uit vele vondsten bekend is. Langs de Waal ontstond een nieuwe nederzetting die van de Romeinse keizer Trajanus tussen 98 en 102 onder de naam Ulpia Noviomagus Batavorum stadsrechten kreeg.

In de 2e eeuw na Christus maakte Ulpia Noviomagus, zoals Nijmegen toen heette, een bloeiperiode mee. Ze was met een bevolking van 5000 tot 6000 de grootste stad op het grondgebied van het huidige Nederland. Het zou duizend jaar duren voordat in Nederland een andere stad (Utrecht) dat inwonertal haalde.

Middeleeuwen
Nijmegen was ook voor de Franken aanvankelijk een grensnederzetting, en ditmaal waren de Saksen en de Friezen de buren. Het fort kwam, zoals alle Romeinse legerplaatsen, later in handen van de Frankische koningen, en Karel de Grote nam in 770 de gelegenheid te baat op het Valkhof een palts (paleis) te bouwen. Het werd daarmee een aanzienlijk centrum van het Frankische Rijk. In 830 vond er bijvoorbeeld het overleg tussen Lodewijk de Vrome en de tegen hem rebellerende zoons plaats. De Noormannen namen echter de palts rond 880 in. Dit leidde tot de vernietiging ervan. De stad staat inmiddels bekend onder de naam Numaga. Keizer Frederik Barbarossa van het Heilige Roomse Rijk verving de palts omstreeks 1150 door een grote burcht. Hiervan resteren tegenwoordig nog twee kapellen, het overige deel van het complex werd in 1796 gesloopt.

Valkhof rond 1900Onder de Roomse koning Hendrik VII werd Nijmegen in 1230 Rijksstad, door de verlening van stadsrechten op basis van de rechten van de stad Aken. Dit betekende dat de stad een eigen stadsbestuur en eigen rechtspraak kreeg. Kort daarop, op 8 oktober 1247, kwam de Rijksstad met het Rijk van Nijmegen echter in Gelderse handen. Graaf Otto II van Gelre en Zutphen, kreeg de stad als onderpand van de armlastige Roomse koning Willem II (die tevens graaf van Holland was), en aangezien de lening nooit werd afbetaald, bleef Nijmegen voortaan Gelders.

Het werd een van de Gelderse hoofdsteden, de voornaamste van de vier. Kort na 1250 werd onder graaf Otto II de 7e-eeuwse Grote of Sint-Stevenskerk op het Kelfkensbos afgebroken en begon de bouw van de nieuwe Stevenskerk op de huidige locatie. Op 7 september 1274 werd het nieuwe godshuis door Albertus Magnus gewijd. In 1402 werd Nijmegen een hanzestad.

Nieuwe tijd
In 1543 was Nijmegen, evenals overig Gelre via het Tractaat van Venlo aan de Habsburgers gekomen en kreeg de Reformatie veel aanhang. In 1585 viel de stad in Spaanse handen, maar in 1595 heroverde prins Maurits de plaats. Tijdens het Twaalfjarig Bestand gaf Nijmegen blijk van een sterke remonstrantse inslag, zodat Maurits in 1618 de wet verzette. Van 1672 tot 1674 kreeg Nijmegen te maken met een Franse bezetting. Te Nijmegen werd in 1678 de Vrede van Nijmegen tussen Frankrijk en de Republiek der Zeven Verenigde Provinciën gesloten.

Recente geschiedenis
De groei van Nijmegen als stad werd ernstig beperkt, omdat Nijmegen voor de Vestingwet van 1874 de status van vestingstad had. Daarvoor mochten er namelijk rondom de vesting geen woningen gebouwd worden binnen het bereik van het geschut op de vesting, waardoor de stad binnen de vestingwallen enorm overbevolkt raakte (in 1875 woonden er ongeveer 23.000 mensen in de stad, terwijl er 2.400 panden waren). Na de afbraak van de vestingwallen in 1876 kon Nijmegen pas echt gaan groeien en verbeterde het leefklimaat in de stad.

De Waalbrug in NijmegenIn het kader van de katholieke emancipatiebeweging kreeg Nijmegen in 1923 een universiteit met rooms-katholieke signatuur, de huidige Radboud Universiteit Nijmegen (voorheen Katholieke Universiteit Nijmegen).

Nadat in 1879 al een spoorbrug over de Waal was gerealiseerd, kreeg Nijmegen in 1936 eindelijk een verkeersbrug, de Waalbrug. Deze brug werd tijdens de Duitse invasie in 1940 opgeblazen en in 1943 herbouwd. Voor 1936 was de enige verbinding met de overkant een veerpont naar Lent.

In de Tweede Wereldoorlog, op 22 februari 1944, leed Nijmegen zware schade bij een geallieerd bombardement, (uitgevoerd door 16 Amerikaanse bommenwerpers), dat eigenlijk bedoeld was voor een Duitse stad. Het vermoeden is dat Nijmegen vanuit de lucht werd aangezien voor het Duitse stadje Kleef (Kleve), beide zijn gelegen aan een rivier en voorzien van een markante toren. Bij dit bombardement vonden meer dan 800 mensen de dood en werd nagenoeg de gehele historische bovenstad verwoest of zwaar beschadigd.

In september 1944 werd in en rond Nijmegen hevig gevochten toen in het kader van Operatie Market Garden; de Waalbrug werd veroverd. Een belangrijke rol in de verovering van de brug was voor de Nijmeegse student Jan van Hoof, die als lid van de Geheime Dienst Nederland informatie had verzameld over de brug. Op 18 september 1944 maakte Van Hoof de explosieven die aan en onder de brug waren aangebracht onklaar, waarna de brug twee dagen later nagenoeg ongeschonden door geallieerde troepen kon worden veroverd. Maandenlang lag de stad toen pal aan het oorlogsfront, hetgeen nog een extra aanslag op de zwaar beschadigde stad tot gevolg had.

Voor hun aandeel in de Slag om Nijmegen (Battle of Nijmegen) en de verovering van de Waalbrug in september 1944 werden de 1st and 2nd Battalions Grenadier Guards onderscheiden met een Honorary Distinction. Dit is één van 78 Battle Honours die het regiment sinds 1656 heeft ontvangen. Nijmegen is één van de 46 namen die op het vaandel van de Grenadier Guards staan vermeld. In 1994 kreeg de opvolger van het 2nd Battalion de naam Nijmegen Company. Deze treedt aan bij talloze ceremoniële plechtigheden.

Op 18 september 1994 onthulde Lord Carrington bij de Waalbrug een gedenkplaat ter gelegenheid van de 50ste verjaardag van de Slag om Nijmegen en kreeg het zuidelijke viaduct de naam Grenadier Guardsviaduct.[1]. Het noordelijk viaduct heet sinds 2005 Sergeant Robinsonviaduct. Sergeant Peter Robinson van de Grenadier Guards stak op 20 september 1944 als eerste met zijn Sherman-tank de Waalbrug over.

Na de oorlog
Door verwaarlozing en armoede was de Benedenstad (het deel van het centrum dat in het lage deel, aan de Waal, is gelegen -- wat de Duitsers de Altstadt noemen) na de Tweede Wereldoorlog in verval geraakt. De situatie was al in de 19e eeuw zorgwekkend, na de bouw van de Waalbrug en het verdwijnen van het veer in 1936, verdween ook de bedrijvigheid. Hoewel de Benedenstad min of meer gespaard bleef door de oorlogshandelingen, was de toestand van dit stadsdeel door de vele reeds gesloopte panden en slechte woonomstandigheden (verkrotte, onbewoonbaar verklaarde panden, huizen zonder sanitair e.d.) zodanig, dat in 1972 besloten werd tot grootschalige sloop en herbouw. Doel van de herbouw was het behoud van de volkshuisvesting (sociale huurwoningen), de bedrijvigheid is vrijwel verdwenen. Van 1978 tot 1983 worden zo'n 650 woningen gebouwd, waarbij het stratenpatroon van voor de sloop grotendeels gehandhaafd blijft. In 1975 is de Benedenstad uitgeroepen tot "beschermd stadsgezicht", maar toen waren de meeste middeleeuwse panden al gesloopt. Alleen de Lage Markt, de Lange Hezelstraat, een deel van de Priemstraat en de Begijnenstraat zijn nog oorspronkelijk gebleven, de rest is nieuwbouw.

Nijmegen staat sinds de jaren zestig en zeventig van de twintigste eeuw bekend als rode stad. Er waren in die jaren veel Marxisten te vinden die door de relatief grote populatie aan studenten erg opvielen. Bijnaam van Nijmegen was dan ook een tijdje 'Havana aan de Waal'. Een gewelddadige confrontatie tussen de linkse krakers en het Nijmeegse bestuur vond plaats in februari 1981, de Pierson-rellen. Frits Bolkestein sprak in de jaren 1990 nog van 'Marxograd aan de Waal'. Thans is het 'rode aspect' in sterk afgezwakte vorm herkenbaar aan een links stadsbestuur. Het zeskoppige college van B&W bestaat sinds 2002 uit GroenLinks, PvdA en SP.

Sinds de Tweede Wereldoorlog heeft de stad zich flink uitgebreid, maar dat gebeurde eenzijdig in westelijke en vooral zuidwestelijke richting. De dorpen Hatert, Hees en Neerbosch werden opgeslokt door stadswijken met dezelfde naam. De belangrijkste uitbreiding was de bouw van de stadsdelen Dukenburg en Lindenholt vanaf 1966, ten westen van het Maas-Waalkanaal. De structuur van de stad werd zo zeer onevenwichtig: het centrum ligt geheel in het noorden, maar de stadsuitbreiding vond kilometers daarvandaan in zuidwestelijke richting plaats. Tot voor kort was de Waal een onneembare barrière die de noordgrens van de bebouwing bepaalde. Sinds eind jaren '90 echter wordt er gebouwd aan de VINEX-locatie Waalsprong, ten noorden van de Waal.

21e eeuw
Eind 2003 kwamen de gemeente en de politie van Nijmegen in opspraak vanwege de honderden centrumverboden die werden verordonneerd voor mensen die zich schuldig maken aan de in de Algemene Plaatselijke Verordening opgenomen vergrijpen. Een centrumverbod is een voorbeeld van een gebiedsverbod, dit is een (tijdelijk) verbod om in een bepaald gebied te verblijven.

In 2004 haalde de gemeente de landelijke media na een besluit van de gemeenteraad om SUV's (grote terreinwagens) niet meer in het centrum te laten parkeren. Als argumenten werden vooral de milieuvervuiling en de onveiligheid van deze auto's naar voren gebracht. Het besluit leidde tot een kortstondige landelijke discussie over dit onderwerp. Het College van B&W besloot het besluit van de gemeenteraad naast zich neer te leggen. De 'asobakken' mochten dus gewoon in het Nijmeegse centrum blijven rondrijden.

In november 2005 werd in het centrum van de stad de plaatselijk bekende activist Louis Sévèke met een vuurwapen om het leven gebracht. Hij was voornamelijk bekend geworden door zijn strijd tegen de voormalige Binnenlandse Veiligheidsdienst, tegenwoordig de AIVD.

Voor de periode 2010-2020 staat de bouw Waalfront gepland. Deze nieuwe buurt zal komen te liggen op het huidige oude havengebied in de Biezen, langs de Waal.

Bezienswaardigheden

  • Botanische Tuin Radboud Universiteit
  • de Grote of Sint-Stevenskerk
  • het Stadhuis
  • de Waag op de Grote Markt
  • het Valkhof met de Barbarossaruïne en de Sint-Nicolaaskapel
  • resten van de omwalling: het Belvedère en het Kronenburgerpark met de Kruittoren
  • stukjes Romeinse geschiedenis door de hele stad
  • middeleeuwse bebouwing in de Benedenstad, bij de Lange Hezelstraat
  • Goffertpark
  • De Vereeniging, concertgebouw. Door Oscar Leeuw.
  • Ruiterstandbeeld Keizer Karel, Keizer Karelplein, 1962. Door Albert Termote
  • Beeld van "Stephanus", Berg en Dalseweg, 1951. Door Albert Termote
  • Lutherse kerk Prins Hendrikstraat 79 van architect Derk Semmelink.
  • Keizerbeelden en de madonna aan het Raadhuis. Door Albert Termote
  • De voormalige gereformeerde kerk aan de Begijnenstraat van architect B. Bouwman.
  • De voormalige Titus Brandsma Gedachteniskerk van architect B.J.C. Claase.
  • De moderne katholieke Dominicuskerk van architect Th. Nix.

Musea

  • Natuurmuseum Nijmegen
  • Museum Het Valkhof
  • Velorama
  • Anatomisch Museum
  • MuZieUm

Jaarlijkse evenementen

  • Nijmeegse Vierdaagse (meerdaagse langeafstandsmars in derde week van juli met ook veel deelnemers uit het buitenland)
  • Vierdaagsefeesten (tijdens de Nijmeegse Vierdaagse)
  • Batavierenrace
  • Zevenheuvelenloop
  • Marikenloop (hardloopwedstrijd uitsluitend voor vrouwen)
  • Fietsvierdaagse (een week na de Nijmeegse Vierdaagse)

Cultuur
Nijmegen kent van oudsher een rijk en bloeiend cultureel leven. Belangrijke culturele instellingen zijn:

  • Doornroosje poppodium
  • De Keizer Karel Podia, met De Vereeniging en de Stadsschouwburg
  • De Letterentafel, een samenwerkingsverband van boekhandels, culturele instellingen, schrijvers en uitgevers
  • De Lindenberg, Nijmeegs centrum voor de kunsten
  • LUX, een podium voor internationale cinema, theater, muziek, debat, multimedia en beeldcultuur
  • De Openbare bibliotheek, gevestigd in het 'cultureel kwartier' aan de Mariënburg
  • Het Steigertheater
  • De Stichting Literaire Activiteiten Nijmegen
  • Het Vlaams Cultureel Centrum
  • Het Vrijdagtheater
  • De Wintertuin